22-01-10

124 | 'T KAN OOK AL EENS GRONDIG DE MIST IN GAAN ...

264a(21-01-2010) Les 35 : Donderdag 21 januari 2010

Dat het niet elke keer prijsschieten is, werd deze vijfendertigste les vooral na de pauze duidelijk. Ik had me voorbereid op een nieuwe schildering : een doek van 60 cm bij 80 cm met een grijze neutrale grondingslaag, en enkele compositorische schetsen op een A4-tje. Ik zou tonen en tinten van blauw, grijs en rood tegen/met elkaar uitspelen. De ruwe schets met houtskool was snel opgezet. En het spelen met blauwen en grijzen resulteerde tegen de pauze in een gedeeltelijke schildering die toch wel goed oogde en hoge verwachtingen schiep voor wat na de pauze zou gaan volgen.
264b(21-01-2010) Vraag me niet hoe het kwam, maar na de pauze heb ik de sterkte van mijn schildering steeds maar zien afnemen, wat ik ook deed. Uiteindelijk bleef er een vermassacreerde schildering over. Het contrast met het goed gevoel bij de vorige schildering was zeer groot.
Thuis heb ik dan nog enkele keren de schildering bewerkt tot uiteindelijk een mistige zwakke schildering over bleef. Ik ga dit laten drogen en later kan dan misschien op dit puin iets nieuws des te weelderiger gaan groeien en bloeien.
Zou ik volgende gezegde kunnen bewaarheiden?
De bloem is de lachende oogopslag van de ruïne.
kabouter3

De commentaren zijn gesloten.